NL
 - EN
VLHORA-nieuwsbrief april
Nieuwsbrief-archief

En als we nu eens vertrekken van al die sterktes?

Beste lezer

De lerarenopleidingen secundair onderwijs van de Vlaamse hogescholen kregen onlangs een goed rapport van de onafhankelijke visitatiecommissies die de opleidingen gedurende het afgelopen jaar hebben doorgelicht. De hogescholen zijn trots op het feit dat het harde werk, de inzet en de flexibiliteit van de lerarenopleiders gewaardeerd wordt. Het is voor het Vlaamse beleid inzake lerarenopleidingen van groot belang dat de sterktes van de lerarenopleidingen aan de hogescholen zoals die uit het rapport blijken voldoende aandacht krijgen in de pers en ook daarbuiten.

Hoewel er uiteraard (profilerings)verschillen bestaan tussen de verschillende opleidingen heeft de commissie verschillende sterke punten vastgesteld. Belangrijk is dat de lerarenopleidingen hun opleidingen vorm hebben gegeven om de formeel vastgestelde leerresultaten te behalen. De commissies hebben ook vastgesteld dat er in de lerarenopleidingen veel en gedegen werk wordt gemaakt van het instroombeleid, met goede analyse van de beginsituatie, diverse testen en (individuele) begeleiding en remediëring.

De commissies waarderen ook dat de opleidingen een goed evenwicht weten te vinden tussen vakinhoudelijke, vakdidactische en praktijkgerichte vorming van de studenten en dat studenten in de hogescholen worden opgeleid om te functioneren binnen een multiculturele samenleving en in multiculturele scholen. Ook het gehanteerde stageconcept en de stage-opbouw zitten volgens deze experten in alle opleidingen goed in elkaar.

Uiteindelijk stellen de commissies vast dat het eindniveau van de opleidingen ‘aan de maat’ is en vooral dat de afgestudeerden en het werkveld tevreden zijn over het eindniveau van deze lerarenopleidingen. Helaas hebben we deze titel te weinig gelezen in de persberichten daarover. En dat is, zeker in het geval van de lerarenopleidingen, betreurenswaardig. Het is een gemiste kans om aan leerlingen, ouders en studenten te tonen dat er in Vlaanderen sterke lerarenopleidingen zijn, met veel toekomst.

Natuurlijk geeft het rapport ook aanbevelingen waar de opleidingen mee aan de slag kunnen en zullen gaan. De aanbeveling om samen op te leiden waarbij nog sterker samen gewerkt kan worden tussen de opleidingen en de (stage)scholen heeft overigens ook te maken met het uitgebreide pakket aan competenties en functies die van een leraar verwacht worden. De Vlaamse hogescholen hebben reeds veel eerder gepleit voor een groeipad voor de beginnende leerkracht om deze functies (o.m. over het contact met ouders) verder te ontwikkelen.

Het rapport heeft ook een belangrijke aanbeveling voor de overheid om enige terughoudendheid in acht te nemen in haar denken over het “opnieuw” hervormen van de lerarenopleiding. VLHORA sluit zich daarbij aan en roept op om daarbij zeker niet te vertrekken vanuit een ‘probleemstelling’ maar vanuit de sterktes zoals die blijken uit dit rapport.

Marc Vandewalle
secretaris-generaal



Onderhandelingen over Onderwijsdecreet XXV

In de loop van februari onderhandelden de instellingen van het hoger onderwijs met de overheid en vakbonden over het ontwerp-onderwijsdecreet XXV. Voor het hoger onderwijs regelt dit ontwerpdecreet vooreerst een reeks technische correcties in de Codex Hoger Onderwijs. Ook het onder de instellingen afgesproken moratorium (zie verder) is in dit ontwerp opgenomen. Daarnaast worden in dit onderwijsdecreet ook al een eerste reeks aanpassingen aan het HBO5-decreet doorgevoerd. In hun protocol van akkoord met opmerkingen waardeerden de hogeschoolbesturen deze aanpassingen maar ze stelden ten aanzien van de Vlaamse overheid wel dat voor de uitvoering van de samenwerking met het hoger beroepsonderwijs nog meer elementen dienen geregeld te worden, niet in het minste het voorzien van de reeds lang beloofde middelen. De arbeidsmarkt heeft immers nood aan HBO5-studenten opgeleid tot een graduaatsdiploma op niveau 5.

Daarnaast maakten de hogeschoolbesturen ook voorstellen over aan de overheid om het personeelsbeleid te verbeteren zoals onder andere de hervorming van de personeelsstatuten in het hoger kunstonderwijs, de taalregeling, technische aanpassingen in de loonmotor alsook de urgente vraag aan de overheid om een oplossing te voorzien voor de kwestie rond de patronale bijdrage. Deze werden echter niet opgenomen in het ontwerp van decreet, maar naar verdere onderhandelingen verschoven.

Tot slot stelt dit ontwerp van decreet ook wijzigingen voor aan de bepalingen in de Codex Hoger Onderwijs over de VLHORA zelf (o.m. de vervanging van de Algemene Vergadering door een uitgebreide Raad van Bestuur).



VVS-congres

Op zaterdag 21 maart hield de Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS) haar jaarlijks congres in de gebouwen van de Karel de Grote Hogeschool te Antwerpen, met als thema: “Naar een efficiëntere oriëntering op het hoger onderwijs”.

In de namiddag ging Onderwijsminister Hilde Crevits in gesprek met de studenten (en scholieren) over het oriënteringstraject dat zal worden uitgezet in het onderwijs. Een niet bindende oriënteringsproef in het secundair onderwijs moet de abituriënten helpen in hun studiekeuze. Een proef voor de intrede in het hoger onderwijs moet volgens de minister de studenten een duidelijker inzicht geven in de mogelijkheden. De minister onderstreepte dat studenten mogen falen, maar dat alle middelen moeten worden ingezet om de studieduur te optimaliseren.

Aansluitend kwam Wouter Duyck (UGent) het oriënteringsinstrument SIMON voorstellen dat studenten op een interactieve manier helpt met het verduidelijken van hun interesses naar het hoger onderwijs.



Studienamiddag studiegelden

Op vrijdag 20 maart organiseerde het VVKHO een studienamiddag met als thema : “Het studiegeld tussen heilige koe en melkkoe”.

Verschillende sprekers uit binnen- en buitenland lichtten de relatie tussen het inschrijvingsgeld en de betrokkenheid van studenten in het hoger onderwijslandschap toe. Economische modellen tekenden de verhoudingen tussen de publieke en private financiering op het globale kostenplaatje van het hoger onderwijs. Tenslotte focusten de sprekers op de optimalisatie van het rendement en de billijke spreiding van de lasten. Meer info



Brochures zijn slechts start van een uitgebreid informatietraject voor de toekomstige student

Naar aanleiding van de persaandacht voor een zogenaamd vergelijkend onderzoek van de Vlaamse studentenvereniging (VVS) over de studiebrochures reageerden de Vlaamse hogescholen door te wijzen op het belang van het totale informatiepakket dat toekomstige studenten moet toelaten de juiste keuzes te maken. Deze informatieverstrekking beperkt zich echter helemaal niet tot de onderzochte brochures. De instellingen maken zelf keuzes over welke mix van informatiemogelijkheden zij benutten en hoe de informatie daarover verdeeld wordt. De brochures zijn slechts een zeer partieel element daarin. Het grote aanbod aan informatie staat meestal online (toch een belangrijke bron voor studenten in dit digitaal tijdperk) zoals de ECTS-fiches, tabellen en kwalitatieve informatie. Bovendien zijn er nog de vele infodagen, de persoonlijke gesprekken, proeflessen en intaketrajecten als belangrijke onderdelen van het informatietraject. Brochures worden in de meeste instellingen vooral gebruikt als een start om studenten te laten deelnemen aan het verdere informatietraject. Het verdient aanbeveling dat het onderzoek zich ook verder zou richten op de kwaliteit van het volledige informatietraject.

Lees het volledige VLHORA-persbericht hier.



Partner in ontwikkelingssamenwerking

Reeds eerder (zie nieuwsbrief november 2013) benadrukten we de rol die de hogescholen kunnen en willen spelen in de ontwikkelingssamenwerking met partnerlanden in het zuiden. De organisatie van de ontwikkelingssamenwerking van de kennisinstellingen blijft echter sterk geconcentreerd bij de universiteiten via VLIR UOS. De hogescholen ijveren voor een betere samenwerking tussen universiteiten en hogescholen in het belang van de partnerlanden. Op vraag van de universiteiten hebben de hogescholen hun ambities, hun plannen voor samenwerking en de vereiste aanpassingen aan de huidige werking nogmaals in een antwoord aan de rectoren gebundeld. Ook een meer evenwichtige aanwending van de middelen komt daarbij aan bod. De hogescholen geloven dat de eigenheid van de hogescholen aangewend kunnen worden om de middelen ter plaatse een nog grotere impact te geven.



Moratorium nieuwe opleidingen en gewijzigde procedure wijzigingen opleidingsaanbod

Binnen de hogescholen en de universiteiten is een moratorium op nieuwe opleidingen afgesproken voor het huidige en het volgende academiejaar (2014-2015 en 2015-2016). Dit wil zeggen dat geen nieuwe basisopleidingen (bachelor of master) zullen worden geprogrammeerd. Dit moratorium is intussen opgenomen in het voorstel van onderwijsdecreet XXV dat in parlementaire behandeling is. Nieuwe post-initiële opleidingen (bachelor-na-bacheloropleidingen, postgraduaten,…) blijven wel mogelijk. De hogescholen pleiten er daarnaast voor om ook een uitzondering te maken voor aanvragen van taalvarianten van bestaande opleidingen. Deze leiden immers niet tot een niet-transparant opleidingsaanbod, maar zijn integendeel heel belangrijk in het kader van internationalisering. Naast de programmatie van nieuwe opleidingen zijn ook andere wijzigingen aan het opleidingsaanbod mogelijk. Zo kunnen jaarlijks op voorstel van de algemene vergadering van de VLUHR wijzigingen worden aangebracht aan de lijst van bachelor-en masteropleidingen die per onderwijsinstelling worden aangeboden. Voor 2015 legde de VLHORA een procedure vast om onder andere naamswijzigingen van opleidingen en afstudeerrichtingen mogelijk te maken of een taalvariant voor een bestaande bachelor-na-bacheloropleiding aan te vragen. Deze procedure is ook terug te vinden op de website.



Vlor-advies over programmatie in HBO5

Op 26 februari 2015 bracht de Vlor een advies uit over programmatie in HBO5. Een aantal algemene principes zijn in dit advies beschreven (vb. de vraag naar een openbare, transparante en ontegensprekelijke procedure en het verzoek om een korte procedure met minimale administratieve belasting), waarna aanbevelingen bij de verschillende stappen in de programmatieprocedure worden gegeven.

Voor de eerste stap, het bepalen van verwantschap tussen een onderwijskwalificatie op niveau 5 en één of meerdere HBO5-opleidingen, wordt (mits een aantal opmerkingen) verwezen naar de procedure die de samenwerkingsverbanden binnen het platform HBO5 uitwerkten om een advies op te stellen als voorbereiding op het overleg met de Commissie Hoger Onderwijs.

Bij de tweede stap, het bepalen van macrodoelmatigheid, is opgemerkt dat het belangrijk is dat niet enkel naar regionale spreiding wordt gekeken, maar ook aandacht wordt besteed aan het bedienen van de verschillende doelgroepen van HBO5. Voor het ontwikkelen van een opleidingsprofiel is vervolgens opnieuw een handleiding, opgesteld door de samenwerkingsverbanden beschikbaar.

Daarna is de toets nieuwe opleiding door NVAO en de administratieve toets door de overheid voorzien. Feedback bij het administratief dossier wordt gevraagd, zodat een eventuele bijsturing mogelijk is. Tot slot zijn een aantal programmatiecriteria (zoals afstemming op de regionale arbeidsmarkt) voorgesteld om gepolitiseerde beslissingen te vermijden wanneer meer positief beoordeelde aanvragen beschikbaar zijn dan er volgens de bepaalde macrodoelmatigheid noden zijn.

Het integrale advies is beschikbaar op de website van de Vlor.



UMap/U-Multirank seminar

Op 31 maart werd een seminar georganiseerd over UMap en U-Multirank. Frans Kaiser (CHEPS) beschreef daarbij, ten eerste, de stand van zaken van UMap (momenteel zijn zo’n 88 profielen beschikbaar, een 20-tal profielen worden geactualiseerd), schetste de geschiedenis en de resultaten en stelde de website voor.

Één van de aandachtspunten van UMap blijft de vergelijkbaarheid van de data en dit zowel tussen hogeronderwijsinstellingen in Vlaanderen als in internationaal perspectief.

Daarnaast werd ook de vergelijking gemaakt met U-Multirank (waarvan de stand van zaken eveneens werd gepresenteerd).

Daarna werd het debat geopend met de vertegenwoordigers van de koepels, hogescholen en universiteiten. Uit de eerste beschouwingen over de U-Map pilot bleek een grote waardering voor het concept op zich. Anderzijds werd gewezen op het (te) lange proces en op de nood aan goede afspraken rond de verschillende indicatoren (de manier van invullen, de reproduceerbaarheid en opslag van de data, de afwijking ten opzichte van indicatoren voor andere instrumenten/bevragingen). Langs de kant van de hogescholen werd vooral ingegaan op het feit dat de belofte dat alle hogeronderwijsinstellingen zich in UMap kunnen profileren niet is waargemaakt. De verschillende indicatoren blijken vooral afgestemd te zijn op de meer klassieke universiteiten, waardoor de diversiteit van het hogeronderwijslandschap niet voldoende wordt gerepresenteerd.



Praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek aan de hogescholen in cijfers

Reeds enkele jaren verzamelen de hogescholen voor hun praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek in de professioneel gerichte bacheloropleidingen intern enkele cijfergegevens. Hieruit blijkt enerzijds de stevige wetenschappelijk inbedding en het belang van het kennisnetwerk, waarbij wordt gekeken naar de gangbare systemen van publicaties, lezingen of congressen waarbij ook collega-onderzoekers van de universiteiten en onderzoekscentra betrokken zijn.

Doordat hogescholen traditioneel sterk op het werkveld gericht zijn (bv. via verplichte studentenstages en het overleg met het werkveld over de invulling van het opleidingsaanbod,…) is ook het wetenschappelijk onderzoek bij uitstek gericht op de praktijk en de vragen uit het werkveld, met name de Vlaamse KMO’s, en not for profit sector. Door dit intensief contact kunnen de Vlaamse hogescholen met hun wetenschappelijk onderzoek snel inspelen op concrete vragen van bedrijven, instituten of overheden en kent het onderzoek een hoog valorisatievermogen. De VLHORA ontwikkelde ook een indicator die deelname aan en het opzetten van congressen, studiedagen en lezingen specifiek gericht op vertegenwoordigers uit het werkveld visualiseert.




*Resultaten VLHORA 2013 (exclusief gegevens artistiek onderzoek en nautische wetenschappen)


Filmploeg brengt onderzoek aan de hogescholen in beeld

In samenwerking met de Vlaamse overheid werd beslist om het wetenschappelijk onderzoek in Vlaanderen in beeld te brengen zodat de Vlaamse innovatiekracht wereldwijd kan gepromoot worden tijdens diplomatieke missies. Naast een algemene presentatiefilm, is ook een filmploeg ingeschakeld om specifiek het praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek aan de hogescholen in beeld te brengen. Het Productiehuis Feita selecteerde in elke hogeschool een onderzoeksproject en verricht momenteel de laatste opnames. Eindresultaat zal een 5 à 6 minuten Engelstalige promotiefilm worden die voor de eerste maal officieel zal getoond worden bij de diplomatieke missie van de Vlaamse minister-president aan New York en Washington van 10 t.e.m. 13 mei 2015.

In kader van dit project werden ook de eerste themabrochures van Research in Flanders (RIF) gedrukt betreffende Urban Planning, Industrial Design en Materials Science. In de loop van dit kalenderjaar volgen nog volgende Engelstalige themabrochures Research in Times of Crisis, World War I, Food en Innovating the Arts, waarbij hoofdzakelijk artistiek onderzoek aan de Schools of Arts aan bod komt. Meer info



De sociale dimensie in het Europese hoger onderwijs

Van 25 tot 27 februari 2015, vond de gezamenlijke conferentie van Eurostudent en PL4SD plaats in Wenen. Meer dan 200 beleidsmakers, professionals, onderzoekers en andere belanghebbenden uit heel Europa namen deel aan een peer learning process over sociale dimensie. Focus van de conferentie was netwerken en het uitwisselen van kennis en ervaringen over de sociale dimensie in het hoger onderwijs. In het kader van 9 thematische tracks werden de Eurostudent V en de PL4SD resultaten gepresenteerd als een breed scala van recent onderzoek naar de sociale dimensie: op weg naar een nationale strategie, toegang tot het hoger onderwijs, speciale groepen studenten, mobiliteit, student support en financiering, studie en werk, verwachtingen en student assessments, retention & succes en tot slot het Eurostudent Network. De belangrijkste bevindingen van de presentaties en de discussies, evenals de presentaties vind je hier.



Centen voor Studenten 2015

Elk jaar buigen de studentenvoorzieningen van alle Vlaamse hogescholen en universiteiten zich over het sociaaljuridisch statuut en de financiële mogelijkheden van de student in het hoger onderwijs. Studenten worden tijdens hun studies immers geregeld geconfronteerd met tal van vragen: 'Verlies ik mijn kinderbijslag als ik werk?', 'Wanneer heb ik recht op een studietoelage van de Vlaamse overheid?', 'Moeten mijn ouders mijn studies betalen?', 'Waar kan ik aankloppen voor financiële ondersteuning?', ...

Om hieraan tegemoet te komen, wordt door de studentenvoorzieningen van alle Vlaamse hogescholen en universiteiten elk jaar een brochure 'Centen voor Studenten' uitgegeven. De 19e editie is ondertussen gedrukt en geleverd: Centen voor Studenten 2015.

Naast de jaarlijkse publicatie van de brochure 'Centen voor Studenten' hebben de studentenvoorzieningen (met de steun van de VLHORA en de VLIR) een website ontwikkeld die dezelfde informatie én meer digitaal aanbiedt: www.centenvoorstudenten.be.



Voorstelling van het jaarboek “Armoede in België 2015”

Ter gelegenheid van de voorstelling van het boek 'Armoede in België. Jaarboek 2015', organiseerde de POD Maatschappelijke Integratie 26 maart 2015 het colloquium "Europa 2020: halfweg, op de goede weg? Het Belgische armoedebeleid in een Europese context”.

Dit vijfde federale jaarboek is een instrument om de toestand van en beleidsmaatregelen inzake armoede en sociale uitsluiting te beschrijven, te analyseren en te evalueren. De gevolgen van de zesde staatshervorming komen aan bod, er wordt een overzicht gegeven van het armoedebeleid van de diverse regeringen tijdens de vorige legislatuur én een analyse en gevolgen van de hervormingen van de werkloosheids - en integratietoelagen komen aan bod. Een deel van het boek is gewijd aan de Europese uitdagingen op het vlak van armoedebestrijding. Om de vooruitgang op het gebied van de Europa 2020-doelstellingen te meten, zijn er een aantal doelstellingen afgesproken: werkgelegenheid (75% van de bevolking tussen 20 en 64 jaar heeft werk), onderwijs (minder dan 10% vroegtijdige schoolverlaters en ten minste 40% van de 30 tot 34-jarigen heeft een einddiploma hoger onderwijs), armoede en sociale uitsluiting (ten minste 20 miljoen minder mensen die slachtoffer van armoede en sociale uitsluiting zijn of dreigen te worden).

Meer informatie over het colloquium en jaarboek vind je hier.

Voor het bestellen van exemplaren van het boek “Armoede in België. Federaal jaarboek 2015” kan u terecht op de website van Academia Press.



WIE WAT WAAR

  • Christel Goovaerts (KdG) en Gilles Rasson (EhB) zijn afgevaardigd in de Vlor werkgroep studiefinanciering.
  • Machteld Verbruggen (TM) is afgevaardigd in het platform Onderwijs en Mediawijsheid.
  • Pieterjan Bonne (Ahs) en Pita Vandevelde (AP) zijn afgevaardigd in de Vlor commissie onderwijs vorming en arbeidsmarkt)
  • Paul Deckers (KdG) is afgevaardigd in de Vlor-werkgroep scholenbouw.
  • Mathilde Joos (VLHORA) wordt vanaf volgend academiejaar afgevaardigd in de European Council for Student Affairs (ECStA)
  • Ingrid Van der Veken (AP) is afgevaardigd in de stuurgroep onderzoek flexibele leerwegen
  • John Maes (TMK) is afgevaardigd in de Vlor-werkgroep modernisering einddoelen
  • Jan Dewilde (AP), Myriam Lemmens (PXL), Stijn Meersseman (Ahs) en Dirk Smet (TM) zijn afgevaardigd in de Raad van Bestuur van de VVBAD-projectgroep Overleg Wetenschappelijke Bibliotheken (OWB)
  • Paul Crevits (VIVES) is in de werkgroep onderwijsbeleid opgevolgd door Patricia Waerniers die nu directeur onderwijs is bij VIVES
  • Marc D'havé (HoGent) is in het platform HBO5 opgevolgd door Goedele Verhaeghe, HBO5-coördinator HoGent.


Kalender

  • 16-17 april 2015 - EURASHE conferentie Lissabon - meer info
  • 23 april 2015 - Jaarcongres Vereniging Hogescholen - meer info
  • 28 april 2015 - lezingenreeks Studium Generale - Leerstoel Kinsbergen van AP Hogeschool. Met o.a.: Peter Mertens, Jef Staes, Mark Kinet, Maud Vanhauwaert en Sihame El Kaouakibi meer info
  • 29 april 2015 - Vlor - krachtig leren: cognitief neurowetenschappelijk benaderd - meer info
  • 30 april 2015 - dag van de vakdidactiek, een organisatie van de expertisenetwerken en het regionaal platform voor lerarenopleidingen. Ditmaal wordt samengewerkt met VELOV (de Vereniging van Lerarenopleiders Vlaanderen) en staat de studiedag in het teken van vakdidactief PAV (Project Algemene Vakken). Meer info
  • Op woensdag 6 mei 2015 houdt het Expertisenetwerk School of Education Associatie KU Leuven een slotevent onder de titel ‘Terug- en vooruitblik op de lerarenopleidingen’. Dit event vindt plaats in het Provinciehuis Vlaams Brabant in Leuven. Meer informatie kan u terugvinden via volgende link. Iedereen die geïnteresseerd is in of betrokken is bij het opleiden van leraren is welkom.
  • Het 5de jaarlijkse LNO² - congres (lerend netwerk onderwijsondersteuners in de hogescholen) vindt plaats op donderdag 21 mei aan de Hogeschool Gent, Campus Schoonmeersen. Het centrale thema is: ‘De onderwijsondersteuner onderzocht: zoeklicht op de onderwijssymbiose van de onderwijsondersteuner, waarbij de focus ligt op de vier belangrijkste rollen van de onderwijsondersteuner: onderzoeker van het onderwijsproces; facilitator van onderwijsprofessionalisering; ondersteuner van onderwijsontwikkeling; actieve netwerker. Op het dagprogamma staan 2 keynotes en 15 keuzesessies, voor al wie zich betrokken voelt bij de kwaliteitontwikkeling van het Vlaamse hoger onderwijs. Klik hier voor meer info en registratie.
  • 25-26 juni 2015 - the “European Citizen Campus” (ECC) dissemination conference and global exhibition - meer info


U heeft ook een bericht?

Uw instelling organiseert een studiedag, congres, ... dat interessant en toegankelijk is voor het hoger onderwijs? Uw aankondiging kan worden opgenomen in de VLHORA-nieuwsbrief. Voor praktische informatie; contacteer myriam.slock@vlhora.be.



U heeft ook een vacature?

Vacatures op beleidsniveau in de Vlaamse hogescholen die aan het VLHORA-secretariaat bekend worden gemaakt, worden gepubliceerd op de VLHORA-website.


Volg ons via:
Contact: Ravensteingalerij 27 bus 3 - 1e verd.    B-1000 Brussel    |    tel. +32(0)2 211 41 95     |    E-mail