NL
 - EN
nieuwsbrief juni 2012
Nieuwsbrief-archief

De VLHORA werft aan:

een voltijds stafmedewerker kwaliteitszorg

het vacaturebericht is beschikbaar op de VLHORA-website


Beste lezer

U hebt in deze inleiding al eerder kunnen lezen dat de Vlaamse hogescholen een belangrijke bijdrage willen en kunnen leveren aan het onderzoek en de innovatie in onze regio. De VLHORA probeert via verschillende initiatieven deze bijdrage duidelijk te maken. Niet alleen wordt er in de hogescholen hard gewerkt om zelfs zonder de noodzakelijke ondersteuning al belangrijk werk te verzetten, de hogescholen proberen zowel in Vlaanderen als Europees de stellingen te verduidelijken en beleidskeuzes af te dwingen.

Op Vlaams niveau is het VLHORA-standpunt over het praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek uitgebreid toegelicht op de commissies van de Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie (VRWI). Na veel discussie, voornamelijk tussen vertegenwoordigers van universiteiten en hogescholen, is er nu een definitief advies over ‘het praktijkgericht onderzoek aan de bacheloropleidingen met professionele gerichtheid’ (zie ook verder in deze nieuwsbrief).

Dit advies aan minister Lieten bevat zeker goede elementen waar de hogescholen zich in kunnen vinden. Het geeft aan het praktijkgericht onderzoek een belangrijke plaats in onze kennismaatschappij. Het advies bevestigt het belang van dit onderzoek aan de hogescholen voor zowel de kwaliteit van het onderwijs als voor de ontwikkeling en innovatie van de hele gemeenschap. Zoals ook wij reeds eerder bepleitten, wil het advies ook een sterke samenwerking en kruisbestuiving van onderzoek aan professionele en academische opleidingen. Het adviseert bovendien ook het herbekijken van taakstellingen in de hogescholen en wil ook de indicatoren voor het praktijkgericht onderzoek uitgewerkt zien. Bovendien ziet ook de VRWI het belang in van aanwezigheid van expertise van het praktijkgericht onderzoek in alle organen voor wetenschap en innovatie. Wat dat betreft kunnen we de VRWI alleen maar aanraden om daar zelf mee te beginnen, gezien er in de Raad zelf zo geen vertegenwoordiging bestaat.

Toch lezen we dit advies met een dubbel gevoel. De betutteling die tijdens de gesprekken vaak bleek, is er niet helemaal uit verdwenen. Zo wordt expliciet gekozen om de term ‘wetenschappelijk’ niet te gebruiken als het over praktijkgericht onderzoek gaat. Dit gaat niet alleen in tegen de decretale terminologie, maar gaat ook voorbij aan de methodologie die wel degelijk van toepassing is binnen deze projecten. Heel jammer is ook dat het pleidooi voor het praktijkgericht onderzoek en het belang van diversiteit in onderzoek niet wordt aangevuld met voldoende aandacht voor de middelen. De VRWI lijkt zich tevreden te stellen met de huidige PWO middelen en het aangekondigde groeipad.

De Vlaamse hogescholen verwachten meer realisme en tegelijk ambitie op dat vlak. Realisme, omdat het onmogelijk is om met de huidige PWO middelen (van om en bij de 10 mio Euro voor alle hogescholen) voldoende capaciteit op te bouwen om deze belangrijke opdracht uit te voeren. Ambitie, omdat de volwaardige uitbouw van praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek, met de doelstellingen die in het advies worden onderstreept, tot veel belangrijker resultaten kan leiden als er in de basisfinanciering van hogescholen middelen voor dit onderzoek worden voorzien. Ook de samenwerking tussen hogescholen en universiteiten zou door een betere oriëntering van de middelen veel sterker kunnen worden gestimuleerd. We zouden deze ambitie moeten hebben, net nu in andere landen (ik denk o.m. aan Nederland en Ierland) de onderzoekscapaciteit van hogescholen sterk wordt gestimuleerd en aangesproken, ook in het licht van nieuwe oriëntering van Europese fondsen.  

Dit advies ligt nu op de tafel van minister Lieten. We zullen aan dezelfde tafel aanschuiven om te vragen naar meer ambitie.

Marc Vandewalle
secretaris-generaal



Onderzoek aan de Vlaamse hogescholen in cijfers

De Subwerkgroep Onderzoek & Strategie en de Werkgroep Wetenschappelijk Onderzoek van de VLHORA werkten de laatste vergaderingen aan een methode om onderzoekscijfers van alle hogescholen te verzamelen. Hiermee kan de output en het belang van het praktijkgericht onderzoek aan de Vlaamse hogescholen gemeten worden. Zodoende kan de onderzoekscapaciteit van alle Vlaamse hogescholen en het belang voor de regio en het werkveld aan de overheid en het brede publiek in cijfers worden gecommuniceerd.

Deze gedefinieerde onderzoeksindicatoren zullen nu eerst in beperkt kader getest en geëvalueerd worden. Het betreffen cijfers die vrij gemakkelijk uit de reeds bestaande rapportering en jaarverslag van de hogeschool kunnen geëxtraheerd worden. Daarna zal de VLHORA een bevraging uitsturen naar alle hogescholen. Op basis van deze bevraging zal de VLHORA de gegevens van de  instellingen samentellen om tot een globaal cijfer te komen voor alle hogescholen in Vlaanderen betreffende het aantal onderzoekers, het omzetcijfer en het aantal publicaties. Dit wordt vervolgd.



Beroepsprofiel van de leraar

De VLHORA heeft namens de Vlaamse hogescholen een standpunt over de lerarenopleiding bezorgd aan de minister van Onderwijs. Daarin vertrekken de Vlaamse hogescholen (die overigens samen goed zijn voor ongeveer 24.000 studenten in de initiële lerarenopleiding) van de waarde van de huidige geïntegreerde lerarenopleidingen die garant staat voor het afleveren van leraren die de basiscompetenties beheersen op startniveau.

Van daaruit kunnen de leraren zich verder ontwikkelen op en naast de werkvloer. Belangrijk daarbij is dat een gericht en sturend professioneel vormingskader (vorming, nascholing, …) moet worden voorzien om de leraar te ondersteunen en te begeleiden naar de verdere ontwikkeling van zijn competenties gedurende zijn hele verdere loopbaan. Die groei vraagt om een sterke link tussen de geïntegreerde lerarenopleidingen en de nascholingen en vormingen. De geïntegreerde lerarenopleidingen dienen dan ook een rol op te nemen in dit nascholing- en vormingsaanbod in functie van het professionaliseringstraject.

Daarnaast dienen leraren ook de kans te krijgen om zich op basis van talenten verder te ontwikkelen in een diversiteit aan functies en dat leraren daarin moeten worden erkend. Dit betekent uiteraard ook dat dergelijke functiedifferentiatie nog moet worden uitgewerkt en erkend. De Vlaamse hogescholen zien een belangrijke taak hierin weggelegd voor het aanbod aan bachelor-na-bacheloropleidingen aan de hogescholen, maar sluiten ook niet uit dat een specifieke masteropleiding in die differentiatie een rol kan spelen.

De VLHORA zal deze nota op het eerste overleg met de minister verder toelichten en bespreken.



De Vlaamse hogescholen werken mee aan U-Map

U-Map is een transparantie-instrument voor het Europese hoger onderwijs, dat nastreeft op een gebruiksvriendelijke wijze het profiel van alle Europese hogeronderwijsinstellingen in kaart te brengen. Op dit moment doen 121 instellingen mee uit Portugal, Estland en Nederland. De Vlaamse hogescholen hebben recent hun principiële goedkeuring gegeven om actief mee te werken aan U-Map. Momenteel buigen de hogescholen zich, samen met de universiteiten, over een invulling van U-Map die rekening houdt met de specifieke Vlaamse context. Lees meer ...



Advies aan de minister over het praktijkgericht onderzoek aan de hogescholen

De Vlaamse Raad voor Wetenschappen en Innovatie (VRWI), de officiële adviesraad van de minister van Innovatie, maakt zeer recent haar advies over aan de beleidsmakers betreffende het wetenschappelijk praktijkgericht onderzoek aan de hogescholen. Ondanks de universitaire dominante vertegenwoordiging in de VRWI-organen, kon de VLHORA toch voorstellen en beleidsintenties in het rapport concretiseren. Zo staat uitdrukkelijk vermeld dat de professionele bacheloropleidingen zeer goed geplaatst zijn om in te spelen op de erg concrete noden van KMO’s en andere maatschappelijke actoren. Deze troef moet in de toekomst door het beleid verder moet ontwikkeld en meer gefinancierd worden. In deze tijden van crisis en zoektocht om de Vlaamse economie te ondersteunen, zou dit volgens de VLHORA een ideaal recept zijn. Wij kijken uit naar de reactie van vice-minister-president Lieten.

Tevens vroeg de VLHORA meer inspraak in officiële overheidsorganen van de overheid inzake onderzoek en innovatie (W&I-organen), zoals in de plenaire overkoepelende VRWI-Raad zelf waar de hogescholen nog steeds geen afgevaardigde kunnen laten zetelen. Daarnaast wordt in het advies aan de minister ook gepleit om het docentenkorps in de hogescholen meer tijd en ruimte te geven om aan onderzoek te doen (gedifferentieerde taakstelling). Tenslotte vindt het VRWI ook dat de hogescholen al hun onderzoeksprojecten op het onderzoeksportaal FRIS moeten kunnen plaatsen en dat deze volwaardige participatie van de hogescholen aan deze databank financieel moet ondersteund worden. Zodoende wordt het wetenschappelijk onderzoek aan de hogescholen meer zichtbaar voor alle Vlaamse ondernemingen en maatschappelijke actoren.

Het volledige VRWI-rapport kan u hier lezen.



Decreet kwaliteitszorg en accreditatie

Na advies van de Raad van State hecht de Vlaamse Regering haar definitieve goedkeuring aan het ontwerpdecreet dat het stelsel van kwaliteitszorg en accreditatie in het hoger onderwijs in Vlaanderen aanpast door naast de bestaande accreditatie een tweede element toe te voegen: de instellingsreview. De instellingsreview is een periodieke evaluatie door een externe commissie van de beleidsprocessen die een instelling opzet om te garanderen dat ze haar taken op het terrein van het hoger onderwijs op een kwaliteitsvolle wijze uitvoert. Het ontwerpdecreet wordt nu ingediend bij het Vlaams Parlement.



Stuvodecreet

De Commissie voor Onderwijs en Gelijke Kansen van het Vlaams Parlement heeft op donderdag 31 mei 2012 het ontwerp van decreet betreffende de studentenvoorzieningen in Vlaanderen goedgekeurd met aanvulling van enkele amendementen. Het decreet gaat nu voor de definitieve goedkeuring naar de voltallige vergadering van het Vlaams Parlement.

1. Artikel 8 - Gevolgen integratie academische opleidingen

Bij de integratie van de academische hogeschoolopleidingen in de universiteiten is het vermijden van een sociaal passief bij de personeelsleden een belangrijk onderwerp. Om het mogelijk te maken dat de regeling in het integratiedecreet over de niet toewijsbare personeelsleden ook van toepassing is op personeelsleden die in de studentenvoorzieningen werken, moet kunnen vastgesteld worden welke personeelsleden gevat worden door de transfer van middelen van de studentenvoorzieningen. Deze personeelsleden worden ook opgenomen in de lijst 2, artikel 106 van het Integratiedecreet.

2. Artikel 2, 8° - Financiering

Bedoeling is om de opgenomen studiepunten van overgedragen opleidingen mee te nemen bij de verdeling van de STUVO-middelen over de instellingen heen. Met dit amendement worden die opleidingen geacht al die jaren behoord te hebben tot de nieuwe instelling.

3. Artikel 41 - Boekhoudkundige verwerking

In het ontwerp van decreet betreffende de studentenvoorzieningen in Vlaanderen wordt artikel 41 gewijzigd met een verwijzing naar het artikel 226 van het decreet van 13 juli 1994 waarbij de opdracht voor een afzonderlijke afdeling wordt beperkt tot de resultatenrekening en de investeringen. Dit amendement voorziet dat de rapportage gelijklopend zal zijn voor de universiteiten en de hogescholen. Het artikel zoals het nu in het ontwerp staat, gaat verder en vraagt dat hogescholen ook op niveau van liquiditeitenbegroting en balans een aparte afdeling studentenvoorzieningen hanteren, wat niet de bedoeling is.

 

De hogescholen hadden echter gevraagd om de rapportage aan de stuvoraad volledig op basis van de analytische boekhouding te kunnen doen. Dit geeft voldoende garantie op concrete informatie over de aanwending van de stuvomiddelen maar bezorgt minder planlast. Daarvoor moesten echter ook nog andere artikels in het ontwerpdecreet worden aangepast.



VOC-onderhandelingen

Op de onderhandelingen van het Vlaamse Overlegcomité Hoger Onderwijs kwam de vorige bijeenkomsten ook het zogenaamde voorontwerp van decreet betreffende het onderwijs XXII (verder ODXXII) ter sprake.

Op de VOC-vergadering van 24 april 2012 maakte de overheid kenbaar dat het gehele OD XXII vóór 8 mei in het parlement moest worden ingediend (voor behandeling voor het zomerreces). Deze datum bleek niet meer haalbaar. Daarom werd uit het voorgestelde OD XXII deze passages gehaald en ook enkele toegevoegd die hoogdringend zijn, gezien ze moeten gerealiseerd zijn voor de aanvang van het schooljaar of academiejaar 2012-2013. Daarin werden slechts een beperkt aantal zaken voor het hoger onderwijs opgenomen nl. een verlenging van de beheersovereenkomsten met de kunstopleidingen (ook voor periodes minder dan 5 jaar, wat tot nu toe niet mogelijk was), een artikel betreffende mogelijkheid naamswijziging van studenten, en een nieuw artikel dat het bijzonder verlof met een periode van ten hoogste 5 jaren verlengd, als de persoon de pensioengerechtigde leeftijd bereikt.

Op de volgende vergaderingen is dan gestart met de behandeling van de overblijvende artikelen van ODXXII. Deze zijn echter nog in onderhandeling. Ook de voorstellen van de sociale partners, waaronder een cahier van de besturen VLHORA/VLIR, komen pas later aan de orde.

Intussen is in het VOC ook nog een bijkomende aanpassing aan de begroting 2012 goedgekeurd. Het gaat o.m. over de afbouw van de middelen voor een CVO-opleiding die als Bacheloropleiding wordt geaccrediteerd en dient te worden overgenomen door een hogeschool. Daarnaast is er ook nog een kleine technische herschikking in de academiseringsmiddelen.



Eurashe-conferentie van mei 2012

Op 10 en 11 mei hield Eurashe haar jaarlijkse conferentie in Riga (Letland). Er waren ongeveer 120 deelnemers.

De conferentie had twee hoofdthema’s met enerzijds de presentatie van de resultaten van het FLLLEX project over de rol van hogescholen in levenslang leren. Alle materialen en presentaties van dit onderdeel kunnen worden geraadpleegd op de website van het project.

Als partner in dit project zal de VLHORA samen met de organisatoren nog een initiatief nemen om de resultaten in Vlaanderen kenbaar te maken.

Het tweede traject ging in op de uitdagingen waar de welvaartstaat mee te kampen heeft en de rol die het hoger onderwijs hierin kan spelen. Dit traject was enerzijds gekoppeld aan de aanpak van het onderwijs (o.m. ook wat betreft levenslang leren of inzake onderwijsinhouden), maar ging voor een groot deel ook over de onderzoeksaanpak en –resultaten in deze sector. De presentaties van deze sessies zijn beschikbaar op de Eurashe-webstek.



 

Flamenco-forum over internationale competenties in het curriculum

in samenwerking met het Forum ADINSA

Op dinsdag 15 mei 2012 namen 80 beleidsmakers, opleidingscoördinatoren en medewerkers van de diensten Internationalisering deel aan een forum over internationale competenties in het curriculum.

Het forum werd georganiseerd door Flamenco vzw, in samenwerking met leden van het Forum Adinsa.


Na een verwelkoming door Patrick Blondé, ondervoorzitter van Flamenco, introduceerde Michaël Joris (KHLim) het onderwerp en stelde hij het ICOM-project voor. Jeanine Gregersen-Hermans (Universiteit Maastricht) gaf een eerste keynote speech Internationalisering vraagt om MEER! Daarna nam Frederik De Decker (Associatie Universiteit Gent) het woord voor een tweede keynote Internationale competenties in het curriculum: niet (alleen) voor Softies.

Vervolgens werden in parallelle workshops subdomeinen van de internationale competenties geëxploreerd aan de hand van praktijkvoorbeelden.

Karine Hindrix (KHLeuven) leidde de workshop Taalvaardigheid waar Luc Dierickx (HUB) het Cross Cultural Competences-project voorstelde.

Joke Simons (Lessius Mechelen) ging in de workshop Interculturele Competenties in op de interculturele competentiewijzer en op Entercultureel, een digitaal leertraject voor het verwerven van interculturele competentie.

In de workshop rond Global Engagement, geleid door Koen Korevaar (Lessius Antwerpen), gaven Klaas Vansteenhuyse (KHLeuven) en Inés Verplancke (Centrum Ryckevelde) voorstellingen over respectievelijk een opleidingstraject waarin internationale competenties centraal staan, en de zogenaamde Europa-competenties. In de workshop Persoonlijke Groei gingen Michaël Joris en Paul Catteeuw (Karel de Grote-Hogeschool) dieper in op de persoonlijke ontwikkeling die gepaard gaat met een buitenlandervaring, en hoe deze versterkt wordt door reflectie.

Een panelsessie met enkele van deze sprekers, gemodereerd door Axel Aerden (NVAO), sloot het forum af.

Meer informatie over de sessies vindt u in de PPT-voorstellingen. Zie downloads op: http://www.flamenco-vzw.be/nl/flamenco-fora/

Twee presentaties zijn in het formaat Prezi beschikbaar. Zie hiervoor volgende linken:

Foto's zijn beschikbaar op de pagina: http://www.flamenco-vzw.be/nl/fotogalerij/2012-flamenco-forum-over-internationale-competenties-in-het-curriculum/




Wie wat waar

  • De VLHORA beleidsmedewerker Sofie Landuyt heeft haar functie bij VLHORA neergelegd om aan de slag te gaan bij de Hogeschool West-Vlaanderen. Sofie Landuyt hield zich als beleidsmedewerker vooral bezig met beleidsdossiers (en werkgroepen) inzake onderwijsbeleid, lerarenopleiding, HBO5, verpleegkunde. Zij wordt opgevolgd door Isabel Snauwaert die op 16 augustus bij de VLHORA start.
  • Het Departement Economie, Wetenschap en Innovatie (EWI) heeft in de Stuurgroep Europa Platform vier werkgroepen: 'ter coördinatie van de Vlaamse deelname aan de Europese programma's voor O&O&I', 'ter voorbereiding van de internationale samenwerkingsinitiatieven (Joint Programming ed)', 'Infrastructuur' en 'Euraxess'. De VLHORA vaardigt in deze werkgroepen af: de heren Jan Dekelver (Katholieke Hogeschool Kempen), Geert De Lepeleer (Katholieke Hogeschool Sint-Lieven), Pascal Verhoest (Arteveldehogeschool) en Maarten Vinkers (Karel de Grote-Hogeschool).
  • De heer Patrick Blondé, algemeen directeur Hogere Zeevaartschool, is opnieuw als vice-president van Eurashe verkozen voor een termijn van twee jaar.
  • De Vlaamse Regering stemde op 11 mei 2012 in met de voorgestelde aanstelling van Danielle Gilliot - raadgever wetenschapsbeleid kabinet Lieten - als regeringsafgevaardigde in de Raad van Bestuur van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen (FWO). Regeringsafgevaardigde Georges Stienlet wordt bevestigd in zijn mandaat.


Nieuwsberichten

  • De Vlaamse Regering besliste op vrijdag 4 mei 2012 om de de professioneel gerichte bacheloropleiding 'bachelor in het energiemanagement' als nieuwe opleiding van de Plantijn-Hogeschool van de Provincie Antwerpen te erkennen.
  • De Vlaamse Regering besliste op vrijdag 11 mei 2012 om de bachelor-na-bacheloropleidingen 'bachelor in de pediatrische en neonatale gezondheidszorg' en 'bachelor in de oncologische zorg' als nieuwe opleidingen van de Erasmushogeschool Brussel te erkennen.


Kalender

  • Op vrijdag 8 juni 2012 houdt het VVKHO een studiedag over 'De versterking van de professionele bacheloropleidingen. Volstaat het geld of is er meer nodig?'
  • De Bologna experten organiseren op vrijdag 15 juni 2012 een studiedag met als thema 'Interdisciplinariteit en skills for the 21st Century, te Antwerpen.
  • UASnet, een netwerk van 10 koepelorganisaties van hogescholen, waaronder ook VLHORA, dat zich vooral focust op de rol en het belang van de hogescholen op het gebied van wetenschappelijk onderzoek nodigt uit op haar UASnet-conferentie die zal plaatsvinden tussen 29 september en 2 oktober 2012 in de Portugese stad Bragança. U leest er ongetwijfeld later nog meer over, maar u kan alvast de data in uw agenda reserveren.


U heeft ook een bericht?

Uw instelling organiseert een studiedag, congres, ... dat interessant en toegankelijk is voor het hoger onderwijs? Uw aankondiging kan worden opgenomen in de VLHORA-nieuwsbrief. Voor praktische informatie; contacteer myriam.slock@vlhora.be


Volg ons via:
Contact: Ravensteingalerij 27 bus 3 - 1e verd.    B-1000 Brussel    |    tel. +32(0)2 211 41 95     |    E-mail