SPraakonvloeiendheden Onder Tijdsdruk
Vloeiend spreken betekent dat iemand klanken, woorden en zinnen op een normaal tempo, met een vloeiend ritme en zonder grote inspanning produceert, zodat de aandacht op de boodschap kan liggen in plaats van op de manier van spreken (Starkweather, 1987; Boey, 2003; Ward, 2006). Niemand spreekt volledig vloeiend; ook de spraak van typisch vloeiende sprekers vertoont vaak onvloeiendheden zoals korte pauzes, herhalingen van woorden of zinnen, opgevulde of niet-opgevulde pauzes. Deze spraakonvloeiendheden kunnen worden ingedeeld in ‘stuttering-like disfluencies’ (SLD), zoals woorddeelherhalingen en klankverlengingen, en ‘other disfluencies’ (OD), zoals interjecties, zinsherhalingen en revisies (Ambrose & Yairi, 1999; Conture, 2001).
Onderzoek toont aan dat kinderen die stotteren duidelijk meer SLD vertonen dan kinderen die niet stotteren, terwijl beide groepen ook overlappingen in type en frequentie van onvloeiendheden hebben. Factoren zoals leeftijd, geslacht en taalgebruik beïnvloeden bovendien het voorkomen en type onvloeiendheden. Jongere en oudere sprekers tonen doorgaans meer onvloeiendheden dan middelbare leeftijden, en mannen en vrouwen verschillen in de aard van hun onvloeiendheden (Eggers & Elen, 2018).
Het doel van dit onderzoek is het verzamelen van normatieve data over spraakonvloeiendheden bij typisch vloeiende sprekers in verschillende leeftijdsgroepen en bij beide geslachten. Specifiek wordt onderzocht of geslacht, leeftijd, type spraakstaal, en tijdsdruk het totaal aantal onvloeiendheden en de verschillende typen beïnvloeden. De resultaten zullen bijdragen aan een beter begrip van normale spraakvariatie en vormen een belangrijke basis voor het onderscheid tussen typisch vloeiende spraak en spraakstoornissen.
Results
Normgegevens spraakonvloeiendheden diverse leeftijdscategorieën
Publicatie vaktijdschrift