Navigating social justice in public spaces
Dit PWO-project onderzoekt de publieke ruimte in grootstedelijke context. Op deze plaatsen willen
we nagaan hoe buurtbewoners en gebruikers zich tot deze ruimte verhouden. Hierbij hebben we
aandacht voor fysieke aspecten van de publieke ruimte (aanwezigheid van groen, ontmoetingsruimte,
algemene inrichting) maar ook voor sociale en politieke dimensies van publieke ruimte (gevoel van
eigenaarschap, ervaringen, ontmoeting, stem in het publieke debat). We zetten hierbij in op
structurele mechanismen van ongelijkheid en uitsluiting die mensen kunnen doormaken omwille van
hun leeftijd en/of maatschappelijke positie in de grootstedelijke context van Brussel. De meest directe
context waar relaties tot een samenleving onderhandeld worden, zijn in dit project de buurt en de
publieke ruimte. Freie (1998) merkt op dat het in de publieke ruimte is waar een grote
verscheidenheid aan mensen elkaar kan ontmoeten, de gewoonte van samenkomen zich kan
ontwikkelen en de wortels van democratie kunnen worden gecultiveerd (Saraví, 2004). De directe
leefomgeving kan zo een katalysator zijn die burgers de mogelijkheid biedt om te handelen en een
concreet, zichtbaar effect te hebben in hun dagelijks leven. Om publieke ruimte ten volle te laten
functioneren als burgerlijke ruimtes, moeten we het volledige spectrum van het leven daarin
omarmen (Laitio, 2022). Aan de ene kant sluit intensief ruimtegebruik door sommige groepen anderen
uit en intimideert hen. Aan de andere kant staat de beperkte hoeveelheid openbare ruimte onder
druk van andere eisen aan een eindige hulpbron. Aan de hand participatieve kwalitatieve
onderzoeksmethoden (PWO-project 3, ethics of sustainable participation’,) onderzoeken we in 4 use
cases hoe buurtbewoners zich verhouden tot hun meest directe leefomgeving: (1) de sense of
belonging en sociale netwerken van buurtbewoners. (2) de percepties over de fysieke publieke ruimte
en de stedelijke natuur. (3) de Relatie tussen bewoners en bezoekers/gebruikers én (4) het discours
over de publieke ruimte.
De participatieve methodes zijn een facilitator om de ervaringen, percepties en belevingen van
kinderen, jongeren en ouderen over de publieke ruimte, en de fricties die daarbij optreden zichtbaar
te maken, te (h)erkennen en om te zetten in tastbare aanbevelingen via het
burgerwetenschapsplatform (ontwikkeld binnen PWO-project 2 ‘Open City’). Anderzijds bieden de
resultaten een empirische basis voor wetenschappelijke output. De collectieve kennis die ontwikkeld
wordt stelt ons in staat om op buurtniveau gedragen beleidskeuzes te maken, die ook breder deelbaar
en toepasbaar zijn (maatschappelijk en wetenschappelijk).
Koen Rymenants