Digitaal mee!
Probleemstelling
Het lokaal bestuur van Sint-Niklaas ontvangt Europese, federale en Vlaamse subsidies om te werken rond digitale inclusie. Alle nieuwe acties die met deze middelen worden opgezet en de reeds bestaande initiatieven om de digitale kloof te dichten, worden gebundeld onder de noemer ‘Digitaal Mee’. Deze acties zetten in op vier domeinen:
• toegang tot digitale technologie (door een uitleendienst voor hardware, een aanbod aan betaalbaar internet, openbare computerruimtes …)
• digitale vaardigheden (door workshops, vormingen, cursussen …)
• motivatie (door thematische communicatiecampagnes, outreachend werken …)
• ondersteuning (door digipunten, digicafés, digibuddy’s, hulp aan huis …)
Het lokaal bestuur wil zicht krijgen op de impact op het verkleinen van de digitale kloof van de Digitaal Mee-acties. Hiervoor vragen ze dat de opdrachtgever een nodenbevraging afneemt bij de inwoners van Sint-Niklaas en een nul- en een impactmeting uitvoert.
Onderzoeksvragen
1) Nodenbevraging: een onderzoek bij de inwoners van Sint-Niklaas (en deelgemeenten) naar de digitale kloof. Welke drempels en problemen ervaren zij? Wat hebben ze (nog) nodig om digitaal mee te zijn? Met deze bevraging willen ze bekijken of we op de juiste domeinen actie ondernemen.
2) Nulmeting: in kaart brengen van de huidige stand van zaken van de vier domeinen (toegang, vaardigheden, motivatie en ondersteuning) voor de inwoners van Sint-Niklaas (en deelgemeenten). Deze meting heeft als doel de basis te leggen voor de impactmeting.
3) Impactmeting: periodiek in kaart brengen van de impact die de verschillende e-inclusieacties teweegbrengen op de vier domeinen (toegang, vaardigheden, motivatie en ondersteuning) bij de inwoners van Sint-Niklaas (en deelgemeenten). Met deze impactmeting willen ze hun beleid bijsturen en bestendigen.
Methodologie
Een adequate inschatting van de gecompliceerdheid of complexiteit van een interventie is cruciaal om tot een bruikbare verzameling van veranderingstheorieën te komen. Het lijkt ons in het geval van de Digitaal Mee in Sint-Niklaas aangewezen om te kiezen voor een analyse van de programmatheorie op twee algemene niveaus.
1) Het niveau van de dienstverlening: de dienstverlening en begeleiding aan de einddoelgroep, namelijk meerderjarige burgers met een hoog risico op digitale uitsluiting.
2) Het niveau van governance relaties: lokale samenwerking tussen betrokken, dienstverlenende stakeholders en de manier waarop deze samenwerking wordt omkaderd.
Verder kunnen we de veranderingstheorieën bijvoorbeeld structureren aan de hand van de primaire doelstellingen of organisatiestructuur.
Onderzoeksmethoden per werkpakket:
• Nodenanalyse:
o Vijf tot tien diepte-interviews (te bepalen) met proxies van de doelgroepen van Digitaal Mee-initiatieven.
o Aanvullende focusgroepen met burgers waarvan de opdrachtgever (stuurgroep), coördinatoren van initiatieven voor digitale inclusie (zie WP2) en geïnterviewde proxies aangeven dat er een gebrek is aan inzicht in hun noden en drempels.
o Een online survey voor professionals en vrijwilligers van de Digitaal Mee-initiatieven.
• Nulmeting en herhalingen van de meting
o Gesprek/interview over de doelrealisatie en registratiedata met de coördinatoren (of databeheerders) van de vier programma’s binnen Digitaal Mee: Digibank Sint-Niklaas, Digivaardig Sint-Niklaas, Verder Digitaal en e-inclusion by design.
o Secundaire analyse van de data-analyse (nulmeting)
o Het voorstellen van nieuwe indicatoren (en het eventueel verwijderen van huidige indicatoren)
o Twee herhalingen van deze meting en een discussie van deze data met betrokken stakeholders (bijvoorbeeld in stuurgroep) in een vergelijkend perspectief.
• Impactevaluatie
o Focusgroepen met sociale professionals en vrijwilligers
o Interviews met eindgebruikers van (een selectie van) de Digitaal Mee-initiatieven
o Focusgroepen met coördinatoren met focus op governance relaties
o Aanbevelingen en disseminatie
Het lokaal bestuur van Sint-Niklaas ontvangt Europese, federale en Vlaamse subsidies om te werken rond digitale inclusie. Alle nieuwe acties die met deze middelen worden opgezet en de reeds bestaande initiatieven om de digitale kloof te dichten, worden gebundeld onder de noemer ‘Digitaal Mee’. Deze acties zetten in op vier domeinen:
• toegang tot digitale technologie (door een uitleendienst voor hardware, een aanbod aan betaalbaar internet, openbare computerruimtes …)
• digitale vaardigheden (door workshops, vormingen, cursussen …)
• motivatie (door thematische communicatiecampagnes, outreachend werken …)
• ondersteuning (door digipunten, digicafés, digibuddy’s, hulp aan huis …)
Het lokaal bestuur wil zicht krijgen op de impact op het verkleinen van de digitale kloof van de Digitaal Mee-acties. Hiervoor vragen ze dat de opdrachtgever een nodenbevraging afneemt bij de inwoners van Sint-Niklaas en een nul- en een impactmeting uitvoert.
Onderzoeksvragen
1) Nodenbevraging: een onderzoek bij de inwoners van Sint-Niklaas (en deelgemeenten) naar de digitale kloof. Welke drempels en problemen ervaren zij? Wat hebben ze (nog) nodig om digitaal mee te zijn? Met deze bevraging willen ze bekijken of we op de juiste domeinen actie ondernemen.
2) Nulmeting: in kaart brengen van de huidige stand van zaken van de vier domeinen (toegang, vaardigheden, motivatie en ondersteuning) voor de inwoners van Sint-Niklaas (en deelgemeenten). Deze meting heeft als doel de basis te leggen voor de impactmeting.
3) Impactmeting: periodiek in kaart brengen van de impact die de verschillende e-inclusieacties teweegbrengen op de vier domeinen (toegang, vaardigheden, motivatie en ondersteuning) bij de inwoners van Sint-Niklaas (en deelgemeenten). Met deze impactmeting willen ze hun beleid bijsturen en bestendigen.
Methodologie
Een adequate inschatting van de gecompliceerdheid of complexiteit van een interventie is cruciaal om tot een bruikbare verzameling van veranderingstheorieën te komen. Het lijkt ons in het geval van de Digitaal Mee in Sint-Niklaas aangewezen om te kiezen voor een analyse van de programmatheorie op twee algemene niveaus.
1) Het niveau van de dienstverlening: de dienstverlening en begeleiding aan de einddoelgroep, namelijk meerderjarige burgers met een hoog risico op digitale uitsluiting.
2) Het niveau van governance relaties: lokale samenwerking tussen betrokken, dienstverlenende stakeholders en de manier waarop deze samenwerking wordt omkaderd.
Verder kunnen we de veranderingstheorieën bijvoorbeeld structureren aan de hand van de primaire doelstellingen of organisatiestructuur.
Onderzoeksmethoden per werkpakket:
• Nodenanalyse:
o Vijf tot tien diepte-interviews (te bepalen) met proxies van de doelgroepen van Digitaal Mee-initiatieven.
o Aanvullende focusgroepen met burgers waarvan de opdrachtgever (stuurgroep), coördinatoren van initiatieven voor digitale inclusie (zie WP2) en geïnterviewde proxies aangeven dat er een gebrek is aan inzicht in hun noden en drempels.
o Een online survey voor professionals en vrijwilligers van de Digitaal Mee-initiatieven.
• Nulmeting en herhalingen van de meting
o Gesprek/interview over de doelrealisatie en registratiedata met de coördinatoren (of databeheerders) van de vier programma’s binnen Digitaal Mee: Digibank Sint-Niklaas, Digivaardig Sint-Niklaas, Verder Digitaal en e-inclusion by design.
o Secundaire analyse van de data-analyse (nulmeting)
o Het voorstellen van nieuwe indicatoren (en het eventueel verwijderen van huidige indicatoren)
o Twee herhalingen van deze meting en een discussie van deze data met betrokken stakeholders (bijvoorbeeld in stuurgroep) in een vergelijkend perspectief.
• Impactevaluatie
o Focusgroepen met sociale professionals en vrijwilligers
o Interviews met eindgebruikers van (een selectie van) de Digitaal Mee-initiatieven
o Focusgroepen met coördinatoren met focus op governance relaties
o Aanbevelingen en disseminatie
Resultaten
Hier is de opgekuiste tekst:
Nota over de nodenanalyse voor de opdrachtgever die de noden van burgers en de noden van de initiatieven bij elkaar legt. Op basis daarvan worden enkele aandachtspunten geïdentificeerd voor de sociale impactevaluatie (WP3).
Korte nota over de kracht en de beperkingen van het huidige registratiesysteem met concrete aanbevelingen over indicatoren.
Nota over drie meetmomenten doorheen dit project. Inclusief een korte samenvatting van sleutelindicatoren als een soort monitoring-dashboard, met toelichting over hoe deze data geïnterpreteerd zou kunnen worden.
Presentaties en discussies over de tussentijdse resultaten.
Eindrapportage waarin inzichten uit WP1, WP2 en WP3 gebundeld worden in een toegankelijk evaluatierapport. Hierin wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste lessons learned en een duidelijke omschrijving van de gerealiseerde impact, mechanismen en randvoorwaarden.
Nota over de nodenanalyse voor de opdrachtgever die de noden van burgers en de noden van de initiatieven bij elkaar legt. Op basis daarvan worden enkele aandachtspunten geïdentificeerd voor de sociale impactevaluatie (WP3).
Korte nota over de kracht en de beperkingen van het huidige registratiesysteem met concrete aanbevelingen over indicatoren.
Nota over drie meetmomenten doorheen dit project. Inclusief een korte samenvatting van sleutelindicatoren als een soort monitoring-dashboard, met toelichting over hoe deze data geïnterpreteerd zou kunnen worden.
Presentaties en discussies over de tussentijdse resultaten.
Eindrapportage waarin inzichten uit WP1, WP2 en WP3 gebundeld worden in een toegankelijk evaluatierapport. Hierin wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste lessons learned en een duidelijke omschrijving van de gerealiseerde impact, mechanismen en randvoorwaarden.
Promotor
Wannes Heirman
Onderzoeker
Pieter Cools,Elias Storms
AP Hogeschool Antwerpen
18/09/2023 - 31/12/2025
Centrale contactpersoon
Eva Brodelet
AP Hogeschool Antwerpen - Blikopener contact