Ga verder naar de inhoud

Welke prentenboeken gebruiken Vlaamse kleuterleerkrachten bij het vormgeven van wiskundige instructie met welk doel en op welke wijze?

In dit onderzoek willen we nagaan hoe de huidige situatie is in het Vlaams kleuteronderwijs: welke boeken worden op welke wijze gebruikt en met welk doel op vlak van wiskunde? Aan de hand van het gegeven dat leerwinst wordt geboekt bij het gebruik van prentenboeken, en deze leerwinst hoger ligt bij een hoger abstractieniveau van het boek zelf als bij een hoger abstractieniveau van de interactie van de leerkracht met de kleuter, willen we na een analyse als besluit zelf tips formuleren om de leerwinst te verhogen bij een aantal welgekozen situaties.

Hoofdonderzoeksvraag: welke prentenboeken gebruiken Vlaamse kleuterleerkrachten bij het vormgeven van wiskundige instructie, met welk doel en op welke wijze?

Deelvragen voor het onderzoek:
1. Welke boeken worden ingezet (voor wiskundige doeleinden versus voor niet-wiskundige doeleinden)?
2. Indien voor wiskundige doeleinden ingezet: voor welke specifieke wiskundige doelen (en dus welke domeinen)? (vnl. doelen van het GO! bevragen)
3. Bij het voorlezen van kleuterboeken: kwantiteit en kwaliteit van de vragen door de leerkracht
4. Bij het voorlezen van kleuterboeken: verband tussen vragen leerkracht en antwoorden kleuters?

We geven door dit onderzoek een aanzet om niet alleen rijke prentenboeken te gebruiken (abstracter en hoger niveau in de taxonomie) maar ook en vooral om de didactische aanpak te verfijnen: het aantal en de kwaliteit van wiskundige vragen spontaan en in functie van specifieke wiskundige inhouden verhogen. Daardoor mikt men meer op de zone der naaste ontwikkeling van elk kind en is men voldoende ambitieus in de interactie met de kleuters.
Promotor
Hilde Rabaut
Hogeschool Gent
21/09/2020 - 20/09/2021
Centrale contactpersoon
VEERLE LAMOTE

Veerle Lamote

HOGENT - Blikopener contact