Slim belichten in de serre: Thomas More helpt tuinders energie besparen.
Hoeveel kunstlicht is vandaag écht nodig in de serre? Het is een vraag waar elke glastuinbouwer mee worstelt. Want ja, planten moeten groeien, ook in donkere wintermaanden. Maar elk extra branduur betekent een hogere energiefactuur. Om dat spanningsveld te helpen oplossen, ontwikkelde Thomas More een online belichtingsapplicatie die telers dag per dag begeleidt bij een efficiënte aansturing van hun verlichting.
Tekst: Katrien Verreyken
Van theorie naar praktijk
De applicatie is het resultaat van een traject dat jaren geleden begon met de onderzoeksprojecten LightMan en GLITCH. Daarin werd het concept van lichtintegratie uitgewerkt: een slimme methode om het beschikbare natuurlijke licht en de kunstverlichting op elkaar af te stemmen, zodat planten precies de hoeveelheid licht krijgen die ze nodig hebben – niet meer, niet minder.
“Met lichtintegratie mik je op een constante hoeveelheid licht per dag: de Dagelijkse Licht Integraal, of DLI,” legt onderzoeker Jeroen van Roy van Expertisecentrum Energie uit. “Dat is afhankelijk van het gewas, het ontwikkelingsstadium van de plant, het seizoen,... Een jong plantje heeft minder nodig dan een volgroeide plant, en in december moet je uiteraard meer bijlichten dan in maart.”
Intuïtieve tool voor complexe keuzes
Wat ooit pure theorie was, werd in een intern PWO-project vertaald naar een bruikbare, praktijkgerichte webapplicatie. “De tool helpt tuinders om hun belichting elke dag af te stemmen op de omstandigheden,” zegt van Roy. “Op basis van de weersvoorspellingen en het gewenste DLI-lichtprofiel doet de applicatie een voorstel voor de belichtingsduur. De teler kan daarvan afwijken, maar heeft wel een onderbouwde richtlijn.”
Zo wordt het eenvoudiger om in te spelen op onverwachte weersomstandigheden. “Stel: je wou vandaag achttien uur belichten, maar het is onverwacht zonnig. Dan kun je veilig enkele uren uitschakelen, zonder dat je gewas licht tekortkomt. Dat levert directe besparingen op.”
De belichtingstool laat ons bijvoorbeeld toe tijdig bijbelichting in te plannen wanneer de energieprijzen lager liggen.”

Tot 8% energiebesparing
Uit simulaties binnen het GLITCH-project bleek dat de toepassing van lichtintegratie een energiebesparing tot 8,4% op de belichting kan opleveren. “Dat lijkt beperkt, maar op serreschaal en met de huidige energieprijzen is dat een aanzienlijke winst,” aldus van Roy. “We houden uiteraard ook de impact op de productie in het oog. Minder licht kan iets minder opbrengst betekenen, maar daar proberen we een optimaal evenwicht in te vinden.”
Lichtintegratie als leidraad
Lichtintegratie bestaat uit twee kernprincipes. Eerst wordt bij de start van de teelt een plan opgesteld met de gewenste DLI per dag. De belichting wordt dan aan- of uitgeschakeld om die waarden zo nauwkeurig mogelijk te benaderen. Als de DLI op een bepaalde dag niet gehaald wordt, probeert de teler dat tekort in de dagen erna in te halen door iets langer te belichten. Zo ontstaat een dynamisch evenwicht tussen energieverbruik en productie.
“Naast de energiebesparing biedt dit systeem ook meer voorspelbaarheid,” zegt van Roy. “Je kunt op basis van weersvoorspellingen inschatten hoeveel elektriciteit je de komende dagen nodig hebt. En als het zonnig is, kun je tijdens piekuren met hoge elektriciteitsprijzen de lampen uitschakelen. De tool is bovendien erg gebruiksvriendelijk, zonder overbodige franjes.”
Op een winterdag lijkt het misschien logisch om achttien uur te belichten, maar als de zon onverwacht doorbreekt, kun je gerust enkele uren uitschakelen.”
Proactief telen
Carlos Mario Pinzon, teeltverantwoordelijke bij groenteteler VW Maxburg, gebruikt de tool ondertussen al een paar jaar en is enthousiast: “Deze tool is voor ons een echte houvast geworden om vooruit te plannen,” zegt hij. “In het begin hadden we binnen het team vaak discussie over hoeveel licht de gewassen nodig hadden. Dankzij de applicatie kunnen we nu op basis van objectieve data beslissingen nemen. We zien – door de geïmplementeerde weersverwachtingen – tot zeven dagen op voorhand hoeveel natuurlijk licht er verwacht wordt, en kunnen daarop anticiperen met kunstlicht. We gebruiken de tool sinds 2023 en het verschil is zichtbaar. Vroeger werkten we reactief: we gaven standaard acht uur licht zonder te weten of dat echt nodig was. Nu optimaliseren we elk uur.”
Ook energiemanager Nick Claessen ziet grote voordelen: “We kunnen met de belichtingstool niet alleen de teelt beter sturen, maar ook slimmer inkopen op de energiemarkt. Op donkere dagen plannen we bijvoorbeeld tijdig bijbelichting in wanneer de energieprijzen lager liggen. We volgen voortdurend het aanbod op de dagmarkt en stemmen daar onze belichtingsstrategie op af. Door die vooruitblik kunnen we risico’s beperken en tegelijk kansen benutten. De interne communicatie is ook verbeterd: er is minder discussie en meer vertrouwen in de cijfers. We nemen vandaag economische beslissingen op basis van onderbouwde inzichten.”
“Onze band met het werkveld is heel hecht,” zegt Jeroen van Roy. “We begeleiden al jaren individuele telers, maar met deze tool kunnen we onze expertise op grotere schaal delen. Hoe meer bedrijven ermee aan de slag gaan, hoe beter. We weten dat dagelijkse opvolging wat tijd vraagt, maar wie ermee werkt, haalt er echt voordeel uit.”
Een lichtpunt voor de toekomst
De belichtingsapplicatie van Thomas More toont hoe praktijkgericht onderzoek een directe impact kan hebben op de bedrijfsvoering van glastuinbouwers. “We willen telers niet opzadelen met extra complexiteit, maar net ondersteunen in hun dagelijkse beslissingen,” besluit van Roy. “Met deze tool kunnen ze hun energieverbruik verlagen zonder in te boeten op kwaliteit. En dat is precies waar duurzame innovatie om draait.”
Thomas More blijft ook in de toekomst inzetten op praktijkgericht onderzoek. Binnen het nieuwe DIGIKAS-project wordt onderzocht hoe tomaten efficiënter belicht kunnen worden, onder meer via proeven in klimaatkamers en daglichtloze teelt. “We staan nog aan het begin, maar met behulp van plantsensoren willen we straks nog gerichter advies geven. En als er telers zijn met vragen of interesse, dan helpen we hen graag verder. Deze tool kan echt een verschil maken.”
Getriggerd door dit onderzoek?
Voel jij je geïnspireerd door dit spraakmakende artikel? Wil jij of jouw organisatie een stap zetten in een innovatieproces waarbij je ondersteuning kan gebruiken? Neem dan vandaag nog contact op met een Vlaamse hogeschool via bet Blikopener . Wij volgen zo spoedig mogelijk op en zetten het één en ander in beweging. Doen!
Meer weten?
Kennis delen
Onderzoekers die ook les geven, praten met hun studenten meteen over hun ervaringen. Dat is een grote meerwaarde. Uit onderzoek halen de verschillende partijen voordeel: de bedrijven die op de eerste lijn staan tijdens het onderzoek, de hele sector, de studenten die de informatie uit eerste hand krijgen en de studenten die in latere jaren volgen en de cases in hun curriculum krijgen.
Nog spraakmakers?
Smaakt dit interview naar meer? Is je honger naar kennis niet te stillen? Wil je weten hoe andere onderzoekers en bedrijven hebben samengewerkt om innovatieve ideeën om te zetten naar impactvolle projecten?
IMPACT Klimaat en schone energie
Met deze uitgave willen de Vlaamse hogescholen graag een aantal projecten in de kijker zetten. Zo kom je het wat en hoe te weten, en ontdek je de impact van ons innoverend hoger onderwijs. Het is de bedoeling jou als lezer, te inspireren en te laten nadenken over hoe een hogeschool jouw organisatie of onderneming kan helpen om de volgende stap te nemen in jouw innovatieproces.